Statenwegtracé Randstadrail
Randstadrail is een lightrailverbinding tussen Den Haag, Rotterdam en Zoetermeer. Deze comfortabele wijze van reizen houdt het midden tussen tram en metro. Door de bouw van diverse Vinex locaties en bedrijventerreinen is deze openbaar vervoerverbinding hard nodig.

Het Statenwegtracé, het deel dat Saturn bouwt, loopt van het Rotterdamse St. Franciscus Gasthuis via de Statenweg naar het Centraal Station Rotterdam, alwaar de tunnel ondergronds aansluit op de bestaande Erasmuslijn. Het Statenwegtracé bestaat uit twee geboorde tunnelbuizen; de start- en ontvangstschacht en het station Blijdorp. De tunnel heeft een inwendige diameter van 5,8 meter en een uitwendige diameter van ca. 6,5 meter, de lengte per tunnelbuis is 2,4 kilometer. De tunnel volgt zoveel mogelijk het stratenpatroon van de Statenweg zodat niet onder de bebouwing wordt geboord.

Grondverbeteringen
Ter verbetering van de grondgesteldheid van de bovenste lagen, voor bescherming van het NS-emplacement bij het Centraal Station en zekerstelling van de ligging van de tunnels dienen op diverse locaties de volgende grondverbeterende werkzaamheden uitgevoerd te worden:
  • ca. 15.000m3 jet-grout kolommen
  • ca. 40.000m3 kalkcementkolommen
  • ca. 30.000m3 uitwisseling van grond tegen zand
  • ca. 800m3 gelinjectie


Startschacht, station en ontvangstschacht
De bouw van station Statenweg en de bouw van de start- en ontvangstschacht gaan volgens de zogenaamde polderconstructie. De bouwputwanden bestaan uit diepwanden (totaal ca. 30.000m2, dikte 1,20m en 1,50m). Om de diepwanden te realiseren wordt met een diepwandgrijper een verticale sleuf in de grond gemaakt waarbij tegelijkertijd een steunvloeistof wordt aangebracht die de sleuf stabiel houdt. Na het aanbrengen van de wapening wordt de sleuf volgestort met beton.



De diepwanden worden tot circa 41 meter diepte aangebracht. Hier ligt de laag van Kedichem, een dikke kleilaag die er voor zorgt dat er geen water van onderaf de bouwput binnen dringt. Na het aanbrengen van de diepwanden volgt het ontgraven van de bouwput en worden stempels aangebracht om de wanden te ondersteunen.

Boortunnels
Aan de voorkant van de tunnelboor zit een graafwiel waarmee de grond wordt losgemaakt. Bij dit project wordt gebruik gemaakt van de "hydroschildmethode", d.w.z.: gelijktijdig met het ontgraven wordt via leidingen een speciale vloeistof (bentoniet) aangevoerd, waarmee het boorfront wordt ondersteund; deze vloeistof vermengd zich met de afgegraven grond zodat deze gemakkelijker via leidingen hydraulisch kan worden afgevoerd naar de scheidingsinstallatie. Als de tunnelboor een slag van 1,50m heeft gemaakt worden binnen het schild prefab betonnen segmenten geplaatst. Er zijn acht segmenten nodig die één tunnelring van 1,50m lengte vormen. Hierna begint de procedure opnieuw.

 


Dwarsverbindingen
Op regelmatige afstand van ca. 500m worden er 5 dwarsverbindingen aangelegd, om in geval van calamiteiten zo snel mogelijk naar de andere tunnelbuis te kunnen vluchten. Deze dwarsverbindingen worden geheel ondergronds vanuit de tunnel met toepassing van vriestechniek gemaakt, waarbij de grond eerst wordt bevroren, waarna een doorgang wordt gemaakt die wordt afgewerkt met spuit- en insitubeton.

Afbouw
Daarnaast worden voor de toerit op het SFD-terrein, station Blijdorp, aansluiting CS en afbouw tunnel in totaal ca. 60.000m3 beton en ca. 6500 ton wapening verwerkt.

Statenwegtracé
 
Plaats:
Rotterdam
Opdrachtgever:
Rotterdamse Electrische Tram RET
Aanneemsom:
€ 177.800.000,=
Uitvoering:
Saturn v.o.f.